Blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen

Blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen?

Als registeraccountant volg ik jaarlijks diverse cursussen om mijn vakkennis uit te breiden en op de hoogte te zijn van de nieuwste wet- en regelgeving.

Hieronder vindt u het laatste nieuws uit de sector. Wilt u weten hoe dit op uw onderneming of persoonlijke situatie van invloed is? Neem dan contact met mij op.

  • 07-05-2021 // BTW zonnepaneelhouders eenvoudiger

    Zonnepaneelhouders worden als BTW-ondernemer aangemerkt vanwege de levering van de niet verbruikte stroom tegen betaling aan het energiebedrijf. Particuliere zonnepaneelhouders kunnen zich als ondernemer aanmelden via het formulier opgaaf zonnepaneelhouders. In het formulier kunnen ze gelijktijdig kiezen voor de kleineondernemersregeling. Dan krijgen ze één aangifte, waarmee ze in een keer BTW terugvragen en afdragen. Binnenkort wordt het nog eenvoudiger.

    Digitaal formulier
    Er komt een digitaal formulier voor aanmelding en de kleineondernemersregeling. Daarmee is downloaden, printen en per post versturen verleden tijd.

    Geen teruggaaf, geen aanmelding kleineondernemersregeling
    Binnenkort komt er een goedkeuring dat als de zonnepaneelhouder geen belang heeft bij teruggave van BTW en de omzet zeer beperkt zal zijn (minder dan € 1.800 euro per jaar) aanmelding voor de kleineondernemingsregeling niet meer nodig is. Wanneer is dit voordelig? Bijvoorbeeld als u een bestaand huis koopt met zonnepanelen.

    Ontwikkelingen in Europa
    Momenteel vinden onderhandelingen plaats over een nieuwe richtlijn die de Europese lidstaten meer vrijheid moet bieden bij het vaststellen van verlaagde BTW-tarieven, voor onder meer zonnepanelen. Nederland is voorstander van een nultarief op zonnepanelen. Dit zou het huidige proces en de administratieve lasten, waar de zonnepaneelhouder de BTW eerst betaalt aan de leverancier en dan bij de Belastingdienst moet terugvragen, aanzienlijk kunnen vereenvoudigen. Maar hiervoor is wel instemming van alle andere lidstaten vereist.

    Let op: In de praktijk blijven voorlopig nog wel complicaties optreden bij zogenaamde herinvesteerders. De kleineondernemersregeling is een vrijstelling zonder recht op aftrek. Om de BTW bij een nieuwe investering terug te kunnen krijgen, moet de zonnepaneelhouder zich afmelden voor de kleineondernemersregeling. Hiervoor geldt een opzegtermijn van vier weken. De opzegging gaat in per het eerstvolgende aangiftekwartaal dat minimaal vier weken na de opzegging ligt. Als de herinvestering plaatsvindt voordat de kleineondernemersregeling is beëindigd, is geen teruggaaf mogelijk of slechts een gedeeltelijke teruggaaf via een ingewikkelde herzieningssystematiek. Bovendien geldt een opzegging voor minimaal drie jaar, wat meebrengt dat de zonnepaneelhouder gedurende deze termijn BTW- en aangifteplichtig is voor alle opgewekte stroom. Dit weegt niet altijd op tegen het voordeel van een BTW-teruggaaf voor de (her)investering. Zonnepaneelhouders die zich voor het eerst in 2020 of later hebben aangemeld voor de kleineondernemersregeling dienen de regeling eerst drie jaar toe te passen voordat zij deze weer kunnen opzeggen. Voor (her)investeringen in deze periode kunnen zij geen teruggaaf van BTW krijgen.

  • 07-05-2021 // Auto van de baas geen taxi

    Een autoverkoper rijdt in een auto van de zaak met op de portieren naam en logo van het bedrijf van zijn werkgever. Als zijn werkgever vaststelt dat de verkoper ‘s avonds zonder vergunning, dus illegaal, betaalde taxiritten uitvoert, volgt ontslag op staande voet. Als redenen voert hij aan  nevenwerkzaamheden, die in de arbeidsovereenkomst zijn verboden, en oneigenlijk gebruik van de bedrijfsauto. Hoe loopt dit af?

    In de overeenkomst over de terbeschikkingstelling van de auto staat, dat de werknemer verplicht is als een goed huisvader voor de auto te zorgen, deze te onderhouden, schoon en representatief te houden en deze slechts in overeenstemming met zijn bestemming te gebruiken.

    De rechter stelt na onderzoek vast dat de verkoper ten minste een illegale taxirit is overeengekomen en ter uitvoering daarvan met de bedrijfsauto is komen voorrijden bij het opgegeven adres. Vast staat bovendien dat de werkgever daar geen toestemming voor heeft gegeven. Dit bevestigt de dringende reden voor het ontslag op staande voet die de werkgever heeft aangevoerd.

    Deze ontslaggrond, het zonder toestemming gebruiken van de bestickerde, en daarmee voor derden als zodanig herkenbare, bedrijfsauto van de werkgever voor illegale taxiwerkzaamheden, levert volgens de rechter een dringende reden op voor ontslag op staande voet.

    Bovendien moet de verkoper aan de werkgever een boete van € 5.000 betalen die in de arbeidsovereenkomst is opgenomen bij overtreding van het verbod op nevenwerkzaamheden.

    Let op: In deze zaak speelde een rol dat de autoverkoper zijn dienstverband al had opgezegd en op korte termijn zou starten bij een nieuwe werkgever. Zijn verweer, met een beroep op persoonlijke omstandigheden (verlies van werk en inkomen), had daarom geen effect.

  • 07-05-2021 // Ontslag op staande voet, terug als zzp-er

    Een medewerker schoonmaakonderhoud wordt ontslagen op staande voet wegens herhaaldelijk, ook na waarschuwingen, te laat komen, ongeoorloofd privégebruik van een bedrijfsbus en diefstal. Na zijn ontslag wordt hij door zijn ex-werkgever voor dezelfde werkzaamheden als voordien ingezet, maar nu als zzp-er. Was het ontslag wel rechtsgeldig?

    Voor de rechter staat vast dat de schoonmaker na zijn ontslag door de ex-werkgever is ingehuurd als zzp’er voor de uitvoering van de werkzaamheden die hij tot zijn ontslag als werknemer heeft uitgevoerd. Hieruit leidt de rechter af dat de redenen voor het ontslag toch niet zo dringend waren voor de werkgever dat deze het ontslag opstaande voet rechtvaardigden. Daarom is geen sprake van een rechtsgeldig gegeven ontslag op staande voet.

    De werknemer heeft in het ontslag berust, maar heeft wel recht op de transitievergoeding en de gefixeerde vergoeding.

    Billijke vergoeding?
    Maar de schoonmaker claimt ook de billijke vergoeding. Volgens de rechter is aannemelijk dat het regelmatig te laat op het werk komen belastend was voor (onder meer) de collega’s van de schoonmaker. Het is daarom ook aannemelijk dat de werkgever indien hij de schoonmaker niet op staande voet zou hebben ontslagen, zich wegens het voortdurende verzuim tot de kantonrechter zou hebben gewend met het verzoek om de arbeidsovereenkomst op (onder meer) deze grond te ontbinden. De rechter bepaalt de billijke vergoeding, gelet op het gemiddelde loon van de schoonmaker desondanks op € 7.500,=, waarop hij de transitievergoeding en het als zzp’er  verdiende bedrag in mindering brengt.

    Let op: Voor ontslag op staande voet is ten minste een dringende reden vereist. In dit geval ontkrachtte de werkgever zijn drie aangevoerde redenen volgens de rechter zelf, door de ex-werknemer direct als zzp-er in te huren.

  • 07-05-2021 // Hoe denkt fiscus over familiebank?

    Grootouders, ouders of andere familieleden kunnen u een geldlening verstrekken ter financiering van uw eigen woning. Er is dan in principe sprake van een eigenwoningschuld, mits uiteraard aan alle voorwaarden wordt voldaan. Regelmatig komt de vraag op of en in hoeverre de rente op een dergelijke lening aftrekbaar is. De Belastingdienst heeft hierover een interne handreiking bekend gemaakt.

    Familielening
    Bij een familielening moet worden vastgesteld of de verschuldigde rente de reële vergoeding is voor het ter beschikking stellen van de hoofdsom (de lening). Bij geldleningen verstrekt door familieleden kunnen immers ook andere omstandigheden een rol spelen bij het bepalen van de hoogte van de rente. Ouders willen hun kinderen helpen bij de verwerving van een woning, hoeven wellicht geen hypothecaire zekerheid voor de lening, hebben  een laag rendement op hun spaarrekening, doen aan vermogensoverheveling naar hun kinderen, of hebben geen behoefte aan een uitgebreide overeenkomst met bepalingen over aflossing, boeterente en bijvoorbeeld rentevast periode.

    Standpunt
    Als een deel van de rente ziet op andere rechten of verplichtingen dan de vergoeding voor de terbeschikkingstelling van de hoofdsom, vormt dat deel geen eigenwoningrente als de daarvoor in rekening gebrachte rente(opslag) meer is dan 0,2%.

    Voorbeeld
    Kind, de geldnemer, en vader, de geldgever, spreken af dat het kind  het recht heeft om de lening te allen tijde volledig  boetevrij  af te  lossen. Hiervoor komen ze een hoger rentepercentage overeen.  Het  recht om op die manier te  kunnen  aflossen  is geen gebruikelijke  variabele  die onderdeel uitmaakt van de overeenkomst van geldlening. Dit is een extra recht,  waarvoor  extra  betaald  moet  worden,  terwijl  daar mogelijk helemaal geen gebruik van wordt gemaakt. Indien de renteopslag hoger is dan 0,2%, ziet de Belastingdienst de renteopslag niet als eigenwoningrente.

    Is sprake van een reële rente?
    Om deze vraag te beantwoorden wordt eerst beoordeeld wat het gangbare rentepercentage is bij de meest vergelijkbare lening die bij een bank wordt afgesloten.

    Vervolgens wordt beoordeeld in hoeverre een deel van het hogere rentepercentage van de familielening wordt gerechtvaardigd door zakelijke overwegingen. Denk hierbij aan gestelde zekerheden en het risicoprofiel van de geldnemer. Als er geen substantieel risico is dat het kind zijn betaalverplichtingen niet kan nakomen, is er geen rechtvaardiging voor een fors hogere rente.

    Uitkomst van de beoordeling kan zijn dat een deel van de rente niet reëel is, en geen aftrekbare eigen woningrente oplevert. Het bovenmatige deel is mogelijk een schenking.

    Tip: De Belastingdienst gebruikt deze handreiking ook voor de toetsing van bijvoorbeeld eigenwoningleningen tussen de DGA en zijn BV. De volledige handreiking familieleningen bevat meer aspecten. U kunt deze hier downloaden.

  • 23-04-2021 // Traineeship: stage of arbeid?

    Een afgestudeerde ICT-er gaat aan de slag als trainee op basis van een Traineeship Contract. Hij gaat aan het werk tegen een vergoeding per gewerkte dag, 26 vakantiedagen, een opleiding en begeleiding. Einddoel is een arbeidsovereenkomst.  Na zes maanden stopt de trainee en hij eist nabetaling van salaris op basis van het wettelijk minimumloon.

    Standpunt trainee
    De trainee verrichtte dezelfde werkzaamheden als de andere werknemers van het bedrijf. Het traineeship is niet gelijk te stellen met een stage (in het kader van een opleiding), maar met een volwaardige baan. Er was een arbeidsovereenkomst en dus recht op ten minste het minimumloon.

    Oordeel rechter
    In dit geval gaat het om een leerovereenkomst van een volledig opgeleide beroepsbeoefenaar, die aan zijn of haar eigen ontwikkeling en kennisvergroting kan werken, maar die zonder beperkingen inzetbaar is voor de opdrachtgever en daarbij een bijdrage levert aan het primaire doel van de onderneming. Wellicht is het werk van de trainee nog niet volledig declarabel. Maar hij nam deel aan de normale dagelijkse activiteiten, zoals die bij het bedrijf werden uitgevoerd, en daarmee streefde de werkgever wel degelijk ook een eigen doel na, namelijk de trainee klaarstomen om hem na het traineeship als volwaardig werknemer te kunnen inzetten.

    De rechter vindt het in dit kader opvallend dat een trainee volgens het Traineeship Contract de volledige stagevergoeding aan de werkgever moet terugbetalen, als hij een arbeidsovereenkomst krijg aangeboden, maar deze niet accepteert. Daarmee ontkracht de werkgever zelf dat de werkzaamheden van de trainee enkel en alleen ten behoeve van diens professionele ontwikkeling zijn.

    Daarom was inderdaad sprake van een arbeidsovereenkomst. De werkgever moest ten minste het minimumloon aan de trainee betalen.

    Let op: De werkgever probeerde hier een afgestudeerde ICT-er genoegen te laten nemen met een stageovereenkomst en dito vergoeding. Kenmerk van een stageovereenkomst is dat deze plaatsvindt in het kader van een opleiding voor een diploma. Als deel van de ‘beloning’ voor zijn werkzaamheden krijgt de stagiair dan studiepunten, die vereist zijn voor het diploma. In dit geval moest de afgestudeerde ICT-er ongetwijfeld nog veel leren, maar zijn diploma had hij al en hij werkte gewoon mee in het bedrijf.

Wat uw plannen ook zijn...

FR Accountancy helpt u graag verder!

Neem contact op