"FR Accountancy zorgt dat er
achteraf geen verrassingen zijn"

Nieuws

  • 06-12-2019 // Betaal in 2020 niet onnodig de hoge WW-premie

    In 2020 is de WW-premie anders georganiseerd, niet meer per sector, maar per soort contract. Er komt een hoge en een lage premie, met daartussen een verschil van 5%. De lage premie is bedoeld voor werknemers met contracten voor onbepaalde tijd. Maar dan moet u het juridisch en administratief wel op orde hebben.

    De lage WW-premie geldt voor:

    • Medewerkers met een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd met een vast aantal uren.
    • Medewerkers jonger dan 21 jaar die per maand/4-weken niet meer werken dan gemiddeld twaalf uur per week.
    • Contracten op basis van de Beroepsbegeleidende leerweg (BBL).

    Voor alle andere medewerkers geldt de hoge WW-premie.

    In bepaalde situaties wordt de lage premie achteraf herzien, ook al was er sprake van een vast contract:

    • De dienstbetrekking eindigt uiterlijk twee maanden na aanvang.
    • Bij contracten met een arbeidsduur van minder dan 35 uur per week: de verloonde uren liggen in een kalenderjaar meer dan 30% hoger dan in het contract staat.

    De voorlopige premiepercentages zijn vastgesteld op 2,94% en 7,94%.

    Tip: Hebt u medewerkers met een vast contract, check dan voor 1 januari 2020 of u ook beschikt over een getekende arbeidsovereenkomst. Als dat niet het geval is, bent u voor de betreffende werknemer de hoge WW-premie verschuldigd. 

    De datum is inmiddels uitgesteld naar 1 april 2020. Vanaf 1 januari 2020 betalen werkgevers de lage WW-premie, mits er uiterlijk op 1 april 2020 een schriftelijke vastlegging in de loonadministratie is opgenomen. Voorwaarde is dat de werknemers reeds op 31 december 2019 voor onbepaalde tijd in dienst waren.

  • 06-12-2019 // Billijke vergoeding zesenzestig maandsalarissen

    Een monteur van 62 jaar werkt al bijna vijfenveertig jaar bij een bedrijf. Hij meldt zich ziek met knieklachten, waaraan hij wordt geholpen. Medisch gezien kan hij daarna nog niet aan de slag, maar de werkgever lijkt daar in een gesprek toch op aan te sturen. Dat leidt tot agressie, provocatie, intimidatie en belediging door de monteur en met name door zijn zoon, die er bij is. De monteur wordt op staande voet ontslagen.

    In hoger beroep oordeelt het gerechtshof over de vraag of dit ontslag terecht was.

    De werkgever wilde in het gesprek mogelijkheden tot re-integratie op termijn inventariseren. Dat kwam bij de monteur niet zo over. Hij was bang dat snelle re-integratie schade aan zijn gezondheid zou veroorzaken. De werkgever had escalatie van het gesprek kunnen en moeten voorkomen.

    Verder spelen mee de leeftijd en het opleidingsniveau van de monteur, alsmede de duur van zijn dienstverband. Ook heeft hij altijd goed gefunctioneerd en is hij van onbesproken gedrag.

    Het gerechtshof acht het ontslag op staande voet daarom onterecht. De werkgever had een schriftelijke waarschuwing kunnen geven dat bij herhaling van dergelijk gedrag zou worden gestreefd naar een einde van de arbeidsovereenkomst.

    De ontbinding van de arbeidsovereenkomst blijft, gezien de ontstane verhoudingen, in stand. Het gerechtshof kent de wettelijk transitievergoeding toe van in dit geval € 50.635. Daarnaast moet de werkgever een billijke vergoeding betalen van € 175.000. Dat is ruim zesenzestig maal het bruto maandsalaris van de monteur.

    Tip: Ontslag op staande voet kan u als werkgever duur komen te staan. U hoeft agressief gedrag niet te accepteren, maar ontslag op staande voet is het zwaarste middel en vraagt altijd een afweging van belangen.

  • 06-12-2019 // Check uw vermogen voor 1 januari

    Door uw vermogen op een andere manier vorm te geven kunt u wellicht inkomstenbelasting 2020 besparen. Dat moet u wel nog in december doen. De peildatum is immers 1 januari 2020. Als u uitgaven hebt gepland aan zaken die geen belast vermogen vormen, kunt u die uitgaven beter deze maand nog doen. Zo verlaagt u immers de grondslag voor uw belastingaanslag. Waar kunt u verder aan denken?

    U kunt belasting besparen door de zorgpremie voor het jaar 2020 deze maand nog te betalen.

    Hebt u schulden die geen betrekking hebben op uw woning? Dan hebt u te maken met een drempel waardoor u niet de gehele schuld in aftrek kunt brengen. Wellicht hebt u geld beschikbaar en kunt u deze schulden aflossen.

    U mag aan kinderen, kleinkinderen en derden elk kalenderjaar een bepaald vrijgesteld bedrag schenken. Bent u dit van plan en hebt u het maximum nog niet bereikt, doe het dan nog in december. Ook schenkingen aan goede doelen en belaste schenkingen kunt u beter nog in december doen. Ze verlagen immers uw vermogen per 1 januari.

    Wellicht is een extra aflossing op uw hypotheek interessant. Ook kunt u denken aan extra stortingen om voor uw oude dag te sparen.

    Het kan interessant zijn om nog gebruik te maken van de vrijstelling voor beleggingen in groenfondsen.

    Tip: Veel mensen laten hun bezittingen en schulden zomaar de jaarovergang naar 2020 maken. Met wat aandacht en eventuele actie in december kunt u wellicht inkomstenbelasting over uw vermogen besparen. We zijn u hierbij graag van dienst.

  • 06-12-2019 // In 2019 nog dividend uitkeren?

    Als uw BV in 2019 dividend aan u in privé uitkeert, is dat tegen 25% belast met inkomstenbelasting. In 2020 is dit tarief 26,25% en in 2021 26,9%. Wilde u toch al dividend gaan uitkeren, dan kunt u dat dus beter in 2019 doen. Soms kunt u het vermogen beter in de BV laten. Wanneer is dit verstandig?

    De komende jaren dalen de tarieven van de vennootschapsbelasting. De gecombineerde belastingdruk – nu 19% vennootschapsbelasting over winst tot €  200.000 en 25% over de winst na vennootschapsbelasting – daalt. Uit berekeningen blijkt dat afrekenen in 2019 voordelig is, als u hoe dan ook in 2020 of 2021 dividend uit uw BV nodig hebt.

    Hebt u voor het vermogen in privé geen concrete bestemming, dan kunt u het meestal beter in de BV laten. Dit kan anders zijn als u op uw privévermogen een hoog rendement maakt. 

    Tip: We adviseren u graag bij deze keuze. Uitkering van dividend is niet altijd mogelijk. U dient rekening te houden met de continuïteit van de B.V. Daarvoor dient u een balanstest en uitkeringstoets uit te voeren. Ook daarbij zijn we u graag van dienst.

  • 22-11-2019 // Deel woning verhuurd aan eigen BV

    Een manager van artiesten verhuurt de begane grond en het souterrain van zijn eigen woning aan zijn BV. Deze ruimte biedt een werkplek aan een werknemer en enkele zakelijke relaties. De manager stelt dat de waardedaling van zijn woning (€ 380.000) voor een evenredig deel moet worden toegerekend aan de belaste verhuur aan zijn BV, en dus aftrekbaar is. De Belastingdienst is het daar niet mee eens.

    De Belastingdienst stelt dat slechts het kantoor (13% van de benedenverdieping) ) aan de BV is verhuurd. Als blijkt dat toch de gehele benedenverdieping is verhuurd, dan vallen de overige ruimtes niet onder de belaste verhuur omdat die ruimtes niet als zelfstandige werkruimtes kunnen worden aangemerkt. Daarvoor geldt een wettelijke aftrekbeperking. De rechter stelt eerst vast dat inderdaad de hele benedenverdieping is verhuurd aan de BV.

    Dan stelt de rechter vast dat de wettelijke beperking van aftrek van werkruimte aan huis bedoeld is voor werkruimte die door de eigenaar van de BV zelf voor diens werkzaamheden wordt gebruikt. Daarvan is hier echter geen sprake. De benedenverdieping is verhuurd aan de BV voor gebruik door de werknemer en zakelijke relaties. De rechter stelt dus de manager volledig in het gelijk. 

    Tip: Belaste verhuur van een deel van een eigen pand aan uw BV leidt tot belastbare inkomsten. U kunt dan ook aftrekposten zoals financieringsrente, afschrijvingen en eventueel boekverlies claimen. Gaat het om werkruimte in uw eigen woning, dan gelden bijzondere regels. We geven u graag advies over uw situatie.