"FR Accountancy zorgt dat er
achteraf geen verrassingen zijn"

Nieuws

  • 25-05-2018 // Managementvergoeding loon of winst?

    Een zzp-er ontwikkelt innovaties van kunststoffen. Namens een eigen management-BV in oprichting sluit hij met een kunststofbedrijf een managementovereenkomst voor vijf jaar tegen een vaste maandelijkse vergoeding van € 8.000. Hij wordt geacht ten minste  vier en een halve dag voor het kunststofbedrijf te werken. De management-BV wordt echter niet opgericht. De vergoeding wordt in de aangifte verantwoord als winst uit onderneming, met toepassing van de ondernemersfaciliteiten. Na een boekenonderzoek legt de Belastingdienst navorderingsaanslagen op.

    Volgens de rechtbank is sprake van een dienstbetrekking en dus van loon. Toepassing van ondernemersfaciliteiten is niet aan de orde. Bij het Gerechtshof voert de manager aan dat gezien zijn vrije rol en bijzondere deskundigheid van een gezagsverhouding geen sprake kan zijn. Hij krijgt daarin gelijk, maar het baat hem niet.

    Zijn arbeidsverhouding vormt namelijk een fictieve dienstbetrekking. De manager verrichtte persoonlijk arbeid voor het kunststofbedrijf op doorgaans vier tot vijf dagen per week tegen een bruto inkomen dat per week ruim boven de minimumnorm lag.

    Let op: Bent u zzp-er en verricht u als belangrijkste activiteit langer dan een maand op doorgaans ten minste twee dagen per week persoonlijk arbeid voor een opdrachtgever tegen een beloning die hoger is dan twee vijfde van het minimum weekloon, dan hebt u mogelijk een fictieve dienstbetrekking. In dat geval loopt u de fiscale ondernemersfaciliteiten mis.

  • 25-05-2018 // Heeft vader een auto cadeau gekregen?

    Een vader kreeg van de Belastingdienst onverwacht een aanslag schenkingsrecht. Hij zou van zijn, inmiddels overleden, zoon een auto ter waarde van € 55.000 geschonken hebben gekregen. Dat zou volgens de Belastingdienst blijken uit een brief van de adviseur die voor de erfgenamen de aangifte erfbelasting verzorgde. Volgens de vader was er echter sprake van ruil van ongeveer gelijkwaardige auto’s. De Belastingdienst vindt het nodig om deze zaak voor de rechter te brengen.

    Volgens de rechtbank ligt de bewijslast bij de inspecteur. De verwijzing naar een passage in een brief van de adviseur is onvoldoende bewijs. Bovendien heeft die adviseur later aangegeven dat hij de schenking niet zelf heeft vastgesteld. Vader heeft de stellingen van de inspecteur bij de rechter uitvoerig weersproken en heeft voldoende aangevoerd om op zijn minst te betwijfelen dat van schenking van een auto sprake is geweest. De beslissing luidt dat niet aannemelijk is geworden dat de zoon een auto heeft geschonken.

    Tip: Als de Belastingdienst bij u een schenking constateert, zal de inspecteur dat ook moeten bewijzen. Bij twijfel is er geen schenking.

  • 25-05-2018 // Werknemer steelt en legt terug: ontslag?

    Een medewerker werkt in het depot van een koeriersbedrijf. Hij behandelt een beschadigde doos met pakjes decoupeerzaagbladen. Daarbij steekt hij drie pakjes bij zich. Kort daarna hoort hij van een collega dat er een onderzoek komt naar de incomplete inhoud van de doos. Dan laat hij onopvallend de drie pakjes vallen, ‘vindt’ ze en levert ze in. In een gesprek met de bedrijfsrecherche geeft hij alles toe, waarna hij door de werkgever op staande voet wordt ontslagen. Terecht?

    In de schriftelijke bevestiging van het ontslag wijst de werkgever als dringende reden op het zero-tolerancebeleid ten aanzien van diefstal dat is opgenomen in het personeelshandboek.

    De kantonrechter acht het niet relevant dat de medewerker de zaagbladen niet mee naar huis heeft genomen. Evenmin acht de kantonrechter van belang dat hij de zaagbladen heeft teruggelegd. Door de zaagbladen in de zak te steken was de wegnemingshandeling voltooid. Niet de eigen wil, maar van buiten komende factoren hebben ertoe geleid dat de medewerker de zaagbladen heeft terugbezorgd.

    Volgens de kantonrechter is het ontslag op staande voet rechtsgeldig. Omdat sprake is van ernstig verwijtbaar handelen, kent hij ook geen transitievergoeding toe aan de medewerker.

    Let op: Tijdens het werk goederen stelen en deze na een waarschuwing door een collega later weer terugleggen, betekent niet dat er niets is gebeurd. Of sprake is van een grond voor ontslag op staande voet hangt af van de omstandigheden.

  • 25-05-2018 // Werkgever haalt auto op bij ziekte

    Twee managers zijn tegelijk bij een bedrijf gestart op basis van een jaarcontract. Ze melden zich na circa drie maanden allebei ziek. De bedrijfsarts stelt arbeidsongeschiktheid vast en adviseert mediation. Binnen twee weken laat de werkgever van beide managers de ter beschikking gestelde bedrijfswagens en de sleutels van het bedrijf ophalen. Ze starten een kort geding.

    Ter compensatie van de ingenomen bedrijfsauto eisen ze een maandelijks bedrag van € 750,00 bruto. De kantonrechter stelt vast dat privé gebruik van de bedrijfsauto was toegestaan. De kantonrechter gaat er ook van uit dat de ter beschikking gestelde auto een vaste looncomponent vormt.

    De kantonrechter is van oordeel dat de managers voor het verlies van dit bestanddeel van hun loon moeten worden gecompenseerd. Hij acht de gevorderde vergoeding van € 750,00 bruto per maand redelijk, nu deze is gerelateerd aan het bedrag van de fiscale bijtelling dat de werkgever zou vergoeden.

    Let op: Een werkgever kan bij ziekte van een werknemer niet zomaar diens bedrijfsauto ophalen als deze ook privé mocht worden gebruikt.

  • 11-05-2018 // Doorbetaling loon en bonus bij ziekte

    Een security en compliance officer ontvangt naast zijn salaris elke maand een prestatiebonus. Afgesproken is dat de werkgever de bonus kan herzien zodra er geen sprake is van normaal functioneren in termen van aanwezigheid, inzet en declarabele werkzaamheden. Met ingang van oktober 2017 wordt deze echter zomaar op nihil gesteld. Op 15 november wordt de werknemer ziek en per die datum volledig arbeidsongeschikt verklaard. Vanaf die dag krijgt hij 70% van zijn salaris doorbetaald. Bij de rechter vordert hij in kort geding doorbetaling van de bonus en van 100% van zijn salaris.

    Volgens de werknemer was 100% loondoorbetaling bij ziekte in het bedrijf gebruikelijk. Voor de rechter erkende de werkgever dat, echter uitsluitend voor korte ziekteperiodes. Desgevraagd kon de directeur niet eenduidig aangeven wanneer van kort of lang sprake was. Daarom mocht en mag de werknemer naar het voorlopig oordeel van de kantonrechter er gerechtvaardigd op vertrouwen dat hij recht heeft op 100% loondoorbetaling.

    De kantonrechter stelt vervolgens vast dat de werkgever geen dossier met besproken kritiek- en verbeterpunten kan overleggen ter onderbouwing van de stelling dat de werknemer disfunctioneert.  Daarom acht de kantonrechter het aannemelijk dat ook de doorbetaling van de maandelijkse prestatiebonus in een bodemprocedure zal worden toegewezen. De werkgever wordt veroordeeld om binnen vijf dagen een forse nabetaling te doen. 

    Tip: Een werkgever kan niet eenzijdig voorbijgaan aan gemaakte afspraken en aan hetgeen de werknemer mag verwachten op basis van wat gebruikelijk is binnen het bedrijf.